Calcetines – nu Call

calcetinessp01

Wij hadden reeds drie honden en drie katten. Alle dieren met een achtergrond van mentale en fysieke mishandeling en geen of weinig socialisatie naar mens en dier.

Veel mensen vroegen ons: ‘Waarom niet gewoon een pup?’ Het antwoord was simpel. Deze dieren verdienden, na door de mensenmaatschappij aan alle kanten letterlijk vertrapt te zijn, een gouden mand. Zij hadden er niet om gevraagd om door fokkers gefokt te worden of door onoplettendheid en laksheid van het mensdom hier in deze dieronvriendelijke wereld neergezet te worden. Het wederantwoord is steevast: ‘Maar een pup kun je geheel naar je hand opvoeden en je kunt niet alle honden in de wereld redden.’ Natuurlijk vergaten deze mensen dat onze honden eens de aandoenlijke pups zijn geweest met aaibaarheidsfactor 10 en vervolgens letterlijk met de hand zijn opgevoed. En het klopt, je kunt niet alle honden redden maar in ieder geval wel een paar.

Wij besloten dat er nog een hond een gouden mand van ons zou krijgen. Dit moest een hond of hondje worden, die in de huidige roedel zijn draai zou kunnen vinden. Aangezien onze twee Duitse Herders absolute heersers zijn, was het noodzakelijk dat de hond die erbij zou komen hier geen moeite mee zou hebben en geen poging zou doen om deze heerschappij over te nemen.

calcetinessenl01Hoe weet je nu van tevoren of het goed zal gaan? Honden hebben, net als mensen, een gezicht waar je veel karaktereigenschappen van af kunt lezen. Op deze manier zijn wij gaan zoeken en kwamen bij Calcetines terecht (inmiddels omgedoopt tot Call).

Aan zijn gezichtsuitdrukking, lichaamshouding en uitstraling was zijn hele karakter af te lezen. Rustig, afwachtend en zeer pienter. Natuurlijk ook een beetje onzeker, wat gezien de omstandigheden ook logisch was.

Op de dag dat ik hem ging halen en binnenkwam in het opvanggezin, herkende ik zijn gezicht direct. Verder leek hij op een ontplofte rat en was 30 cm hoog en daarmee veel kleiner dan de 30 cm die ik in mijn gedachten had. Maar dit weerhield me niet van mijn besluit om hem aan onze roedel toe te voegen en een gouden mand te geven.

Thuisgekomen was ook manlief even van slag. Weliswaar met een lach op zijn gezicht, maar ook vastbesloten om dit toch wel heel kleine hondje de beloofde gouden mand te geven, wat na enkele weken ons gouden bed is geworden.

Natuurlijk kon ik iets van 6 kilo en 30 cm hoog niet tussen onze twee herders neerzetten. Daarentegen vindt onze labrador alles prima wat er in huis komt, al zetten we er een geit neer.

Voorlopig moest hij ‘s nachts in de bench, omdat ik niet wist wat hij ging doen en geen enkel risico wilde nemen dat het tot een confrontatie kon komen tussen hem en één van de herders. Tot onze blijdschap vond hij dit geen enkel probleem en waren lekkere hapjes voldoende om hem daar  – voor wij naar bed gingen – vrijwillig in te krijgen. Eruit krijgen was een heel ander verhaal.

Het vertrouwen van onze nieuwe gezinsuitbreiding moest gewonnen worden, wat niet echt de gemakkelijkste opdracht was. Logisch, veel van deze honden hebben al het één en ander meegemaakt, waardoor het vertrouwen in de mens eigenlijk al tot nihil teruggebracht zou moeten zijn.

Als hij ‘s morgens uit de bench moest, had ik hier zeker een halfuur voor nodig en zijn grom was voor mij echt voldoende om te wachten tot hij met de nodige brokjes had besloten om zich deze dag toch maar zoveel mogelijk aan mij over te geven. Was hij eenmaal uit de bench, dan nam ik hem op mijn arm mee naar buiten zodat hij zijn behoefte kon doen, om hem vervolgens langzaam tijdens een wandeling te laten wennen aan alle nieuwe geluiden en indrukken. Naarmate de dagen vorderden, ging het gemakkelijker en begroette hij me ‘s morgens kwispelend en wel om vervolgens direct uit de bench op schoot te springen.

Nog steeds bracht hij een groot gedeelte van de dag op mijn arm door om de rest van de roedel te laten weten dat dit kleintje mijn absolute bescherming genoot. Tevens was een hondenrugzak een uitkomst, zodat ik mijn handen vrijhad en Call (op mijn rug) alles kon bestuderen en wennen aan de dagelijkse bezigheden.

Verder leerde ik hem hoog te blijven. De vensterbank, bank, de afgedekte bench, eettafel,  stoelen en natuurlijk de eettafel werden zijn territorium. Hij had al heel snel in de gaten dat hij er het beste aan deed om de herders te negeren en op veilige hoogte te blijven.

calcetinessenl03 calcetinessenl02

Het uitlaten gebeurde nog steeds zonder de overige roedelleden, maar wel met de labrador, die met zijn 17 jaar de rust zelf is. Ik wilde geen enkel risico lopen dat hij ergens van schrok en er als een speer vandoor zou gaan, dus was hij altijd aangelijnd  – eerst met een korte lijn en later met een lange lijn. Wij wonen middenin de bossen, dus zou hij het op een lopen zetten, dan zou ik hem gegarandeerd kwijt zijn.

Toen dit redelijk goed ging, mocht hij mee met de andere honden, maar nog steeds aangelijnd en mijn oplettende oog was nog altijd noodzakelijk om de herders te laten weten dat hij geen partij was en mijn bescherming genoot. Gelukkig waren de herders het hier volledig mee eens en negeerden ze hem consequent.

Na twee maanden was hij met mijn hulp geaccepteerd en kon hij zijn territorium uitbreiden naar de grond, waarbij we de eettafel weer tot verboden terrein hebben kunnen maken. Het waren nog geen vrienden, maar de grote herderreu had al snel in de gaten dat dit kleintje erg lief was en zeker geen bedreiging vormde. Het gevolg was dat hij het kleintje volledig onder zijn hoede nam. Daagde hem uit tot spel en was hierbij erg voorzichtig: er werd geen poot op hem gezet tijdens de hol- en vliegpartijen. Als er een andere hond in zijn buurt kwam, ging hij simpelweg over het kleintje heen staan. Natuurlijk had deze als snel door waar hij voor bescherming moest wezen en maakte daar gretig gebruik van. Tevens volgde hij de herder buiten en binnen op de voet. Zo leerde hij wat ‘hier komen’ betekende, wanneer hij moest gaan zitten en dat hij niet van straat mocht eten. Maar ook dat alle vreemde geluiden niets betekenden. Als hij bijvoorbeeld een onverwacht geluid hoorde en geen van de honden of ik reageerde daarop, dan zag je hem al snel bijtrekken. Na verloop van tijd hadden deze geluiden ook voor hem geen betekenis meer. Zelfs het waak- en verdedigingsgedrag heeft hij overgenomen en geleerd te stoppen wanneer wij dat vragen.

In de vijf maanden tijd dat hij bij ons is, heeft hij vreselijk veel geleerd. Hij kan overal loslopen, volgt zonder moeite en schrikt nergens meer van. Wandelt lange afstanden door het bos mee en staat iedere ochtend te springen calcetinessenl04om met de herders en mij mee te mogen hardlopen, waarbij iedere boomstam weer even leuk is om over te springen en bergen heerlijk om met een vaart vanaf te rennen. Dat kleine hondjes onder de categorie schoothond vallen, gaat dus niet op.

Uiteindelijk zijn we allemaal helemaal verliefd geworden. Het herdermeisje had er meer moeite mee, maar ook zij heeft, na nog enkele maanden, moeten toegeven dat dit toch wel een heel lief mannetje is.

Geduld bij het opvoeden of heropvoeden is nodig. Maar onvoorwaardelijke liefde voor honden mag niet ontbreken. Wanneer u besluit om een hond te nemen, bedenk dat een oudere hond met een verleden eens een pup is geweest, aangeschaft om zijn aaibaarheidsfactor of dienstbaarheid. Om vervolgens zonder redenen vertrapt te worden, figuurlijk of letterlijk. Deze honden hebben uw steun en hart nodig.

Li

Share →